Logo

18

sep

Vertrouwen in de burger

bel_aan_bij_burger_3.jpgPim Fortuyn wordt door velen herdacht als de Messias van de ‘nieuwe politiek’. Hij zou het antwoord geweest zijn op de vertrouwenscrisis tussen burger en overheid. Veel partijen hebben zijn stijl overgenomen en bestuurlijke en politieke vernieuwing kwam hoog op de agenda. Maar de kern van het probleem kon niemand oplossen. Daarom is het tijd voor een andere benadering. Niet het vertrouwen in de politiek, maar het vertrouwen in de burger moet centraal staan. D66 dacht goede sier te kunnen maken met de portefeuille Bestuurlijke Vernieuwing, maar inmiddels zijn De Graaf en Pechtold weggelachen van het politieke toneel. Gekozen burgermeesters, hervorming van het kiesstelsel: het liet de kiezer koud. Ook het referendum over de Europese Grondwet werd een fiasco. Het electoraal voelde zich in plaats van serieus genomen, juist bedonderd door de regering: ‘Zie je wel, ze doen toch waar ze zelf zin in hebben.’

Ook is er gesleuteld aan de organisatie van politieke partijen. PvdA, VVD en D66 hebben hun leden meer inspraak gegeven; met verkiesbare lijsttrekkers en stemmingen op congressen. Daarnaast hebben politici zich gestort op leukigheidjes; zoals maatschappelijke stages, Hyves-profielen en videochatten.

Verder is er vooral wat afgeschreeuwd. Politiek is borrelpraat geworden. Wilders en Verdonk hebben geleerd dat je met incidentenpolitiek kan scoren. Dat rellen tegen de politieke correctheid zetels oplevert. Wie zich als politicus neerzet als anti-establishment-figuur heeft – voor de korte termijn – de gunst van de kiezer.

Ook hebben politici veel afgegeven op de polderinstituten, de bestuurlijke drukte en de bureaucratie. Maar echte veranderingen zijn uitgebleven en het is de vraag of de kiezer daar echt op zat te wachten.

Kortom, er is van alles en nog wat geprobeerd om het vertrouwen van de kiezer terug te winnen. En nu, vlak voor de verkiezingen, mogen we ons de vraag stellen: heeft het wat opgeleverd? Ik denk van niet. De valkuil waar politiek en bestuur in zijn gestapt, is die van zelfbeklag en overmatige introspectie. Niet de burger stond centraal, maar het opbouwen van imago en het verhogen van het aanzien van de politiek. Te weinig is het probleem van twee kanten belicht, terwijl de antwoorden voor het oprapen lagen.

De analyse van Mark Bovens, hoogleraar Bestuurs- en Organisatiewetenschap, is kraakhelder. “Door commercialisering van de media, door ontzuiling en door ontkerkelijking, zijn belangrijke stootkussens tegen vertrouwensverlies verdwenen. Voor bestuurders is maatschappelijk vertrouwen geen rustig bezit meer”. Politiek en bestuur zouden zich dus beter kunnen toeleggen op het stimuleren van de ontwikkeling van nieuwe maatschappelijke verbanden.

Ook de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) heeft dat signaal afgegeven. In het rapport ‘Vertrouwen in de buurt’ wordt gesproken van moderniseringsverliezers: vooral voor de lagere middenklasse gaan maatschappelijke veranderingen te snel. “De omvangrijke immigratie heeft hen tot vreemdeling in eigen buurt gemaakt. Europeanisering berooft hen van nationale symbolen. En zij voelen zich overvraagd door de ingrijpende veranderingen in de sociale zekerheid, de zorg en het onderwijs.” Kenmerkend is dat minister Verdonk met haar harde vreemdelingenbeleid de populairste minister is geworden, en dat de ingrepen in de sociale zekerheid het vertrouwen in het Kabinet tot een dramatisch dieptepunt bracht.

De analyses van Bovens en de WRR snijden dus hout. Mijn advies aan politiek en bestuur is daarom alsvolgt: blijf zelf vooral saai en degelijk, maar stel wel middelen beschikbaar voor zelforganisatie van burgers. De problemen liggen namelijk op straat en kunnen ook daar het beste opgelost worden. Dat is de essentie van democratie, en daar wringt ‘m de schoen: de vertrouwenscrisis ligt niet zozeer aan slechte vertegenwoordiging, maar aan het rigide beleid waar burgers geen zeggenschap over hebben. Dat betekent dat niet het vertrouwen in de politiek hersteld moet worden, maar het vertrouwen in de burger.

De politiek filosoof Herman van Gunsteren neemt dit als uitgangspunt in zijn boek ‘Vertrouwen in de democratie’. Volkskrant-recensent Pieter Hilhorst vatte zijn betoog treffend samen: “Democratie is op zijn best een vergelijkbaar systeem van zelforganisatie. Uit de tegengestelde, partijdige en beperkte meningen van burgers en politici komen verstandige besluiten voort. Dat komt omdat elke mening bestaat uit een mengeling van juiste inzichten en vergissingen. De juiste inzichten versterken elkaar, de vergissingen doven elkaar uit. Als honderd mensen op de kermis een schatting moeten maken van het gewicht van een big, blijkt het gemiddelde van alle schattingen een aardige voorspelling te zijn. De overschattingen compenseren de onderschattingen en zo blijven de juiste schattingen over.”

Het wordt dus tijd voor een andere benadering. Niet het vertrouwen in de politiek moet centraal staan, maar het vertrouwen in de burger. Dat maakt de leefomgeving weer veilig, overzichtelijk en vertrouwd.

Deel dit artikel: 

3 Reacties bij “Vertrouwen in de burger”

  1. 1
    Hans Waltman Zegt:

    Net als bij organisaties speelt ook hier dezelfde vraag. Zijn de mensen er voor de organisatie of is de organisatie er voor de mensen?

  2. 2
    l hardeman Zegt:

    bewustzijn vermindert regelzucht.
    de individualisering en het materialisme betekent voor zeer velen: eigen belang eerst en waarden en normen zelf bepalen. m.a.g. dat er meer mensen bezig zijn met ‘de macht als doel te zien’, dan er mensen zijn die ‘de macht gebruiken als middel om het doel te bereiken’. dat veranderd pas, helaas ook maar tijdelijk, als er een noodzaak aanwezig is om dit opzij te zetten, een ramp b.v. dan ontstaat er weer een grotere saamhorigheid, overigens ook weer grotendeels gestoelt op eigen belang. vertrouwen in de burger.
    als men geen of onvoldoende vertrouwen in zichzelf heeft, kan men dat ook niet in een ander hebben. het begint dus met het vergroten van het individueel bewustzijn, vervolgens het collectief bewustzijn. bewustzijn vermindert regelzucht. de doelgroep waar dat het meest effectief is, dat is de schoolgaande jeugd. leer ze bewust omgaan met hen zelf, vervolgens met hun omgeving. ontdek talenten en stimuleer dezen.

  3. 3
    Frans Smit Zegt:

    Hallo websitemakers,
    Wie weet is het nu wat laat en is mij bevattingsvermogen wat bedwelmd, maar ik vraag me toch in gemoede af waar jullie site over gaat. Wat een gebakken lucht! Waar gaat dit over? Is dit een speeltje voor organisatie-adviseurs die aan dit soort lucht veel geld verdienen?
    Ik heb werkelijk niets conreets gevonden in jullie website dat te maken heeft met concrete problemen op het gebied van de overorganisatie van ons land.
    Ik heb geen flauw idee wat de meerwaarde van deze site is. Maar ik laat me graag overtuigen van het tegendeel!

Laat een reactie achter.

Ontwerp & Realisatie: @Quest WebDesign.
© 2007 Stichting de OrganisatieActivist. Disclaimer